De pedagogische visie van Micha de Winter

Opgroeien in civil society

Opvoeden is niet alleen een taak van ouders, maar een gedeelde verantwoordelijkheid van alle volwassenen in het leven van kinderen. Dat is de visie van hoogleraar pedagogiek Micha de Winter. In zijn pedagogische civil society leidt opvoeden tot een betere wereld. Dit is ook de basis voor de Huizen van het Kind. Uit het gedachtegoed van de Winter haal je voor jouw Huis van het Kind twee belangrijke ideeën: organisaties moeten samenwerken en inzetten op verbinding is belangrijk.

Tekst: Ellen Rutgeerts (VBJK) Vormgeving identiteitskaart: Susy Cascado

paspoort micha de Winter

VISIE

Levensloop

Micha de Winter wordt in 1951 geboren in Oss, Nederland. Zijn ouders zijn Bertine Meijer en chemicus Max de Winter, mede-ontwikkelaar van de anticonceptiepil. Aanvankelijk studeert de Winter scheikunde. Later verruilt hij die studie voor psychologie.

Het proefschrift waarmee hij in 1986 aan de Universiteit van Utrecht promoveert gaat over de vroegtijdige onderkenning van ontwikkelingsstoornissen in wetenschappelijk en sociaalhistorisch perspectief. Het blijft ook later één van zijn stokpaardjes: te veel kinderen krijgen te snel een label. Omdat gedragsstoornissen worden gezien als een individueel probleem, verdwijnen de culturele en collectieve component.

Nadien geeft hij als hoogleraar pedagogiek les, publiceert boeken en artikels en doet onderzoek naar maatschappelijke opvoedingsvraagstukken, jeugdbeleid en preventie. Sinds 2004 bekleedt hij de Langeveldleerstoel voor maatschappelijke opvoedingsvraagstukken.

Van 2001 tot 2012 zetelt hij in de Raad voor Jeugdbeleid en de Raad voor de Maatschappelijke Ontwikkeling, twee adviesorganen van de Nederlandse overheid. In die functie brengt hij een essay Over last van jongeren en de lusten van een buurtpedagogische aanpak.

Hij is consultant voor UNESCO en UNICEF. In 2013 krijgt de Winter een koninklijke onderscheiding voor zijn verdiensten voor de samenleving. Bij die gelegenheid wordt hij ‘een uitzonderlijk invloedrijke pedagoog’ genoemd.


Theorie en ideeën

In het publieke debat over opvoeding laat de Winter regelmatig zijn stem horen. Volgens de Winter ligt de nadruk te veel op de problemen in gezinnen en te weinig op de omgeving waarin kinderen opgroeien.

Hij vindt dat opvoeding te vaak gezien wordt als een taak van alleen de ouders. Opvoeden is ook een taak van andere volwassenen in de leefomgeving van een kind. Daarom pleit hij voor een pedagogische civil society: een burgermaatschappij waarin meerdere volwassenen verantwoordelijk zijn voor de opvoeding van kinderen. Dat heeft voordelen voor de volwassenen, zowel ouders als professionals waarvan de organisaties samenwerken kunnen meer afstemmen. En het heeft voordelen voor de kinderen. Doordat zij ervaren dat ze deel uitmaken van een groep, dat ze worden gezien en dat ze ergens terecht kunnen, leren ze ook dat het belangrijk is om rekening te houden met anderen, dat iedereen gehoord moet worden en hoe je samen tot oplossingen kunt komen. Zo ervaren kinderen wat het betekent om in een democratie te leven.

Kinderen grootbrengen tot democratische burgers doe je volgens de Winter met een autoritatieve opvoedingsstijl: opvoeden met gezag, niet met macht. Het is een combinatie van grenzen stellen en grenzen uitleggen, maar ook steun, aandacht en liefde geven. Deze opvoedingsstijl creëert een mini-democratie. Wanneer het gezinsleven (via de pedagogische civil society) bovendien verbonden is met de ruimere gemeenschap, leren kinderen niet alleen gehoorzaamheid, ze leren ook kritisch en zelfs ongehoorzaam zijn, bijvoorbeeld als belangrijke principes in gevaar zijn.

Volgens de Winter is deze aanpak ook een oplossing voor problemen als jeugdcriminaliteit en kindermishandeling.


Realisaties

Halverwege de jaren negentig moet de Commissie Taskforce Jeugdhulpverlening in Nederland een oplossing bedenken voor de versnippering van de jeugdzorg. De Winter is een van de commissieleden en beklemtoont de voordelen van een betere samenwerking: een aanbod dat op wijkniveau centraal ingebed wordt, is beter bereikbaar en kan beter inspelen op de lokale noden.

Dat idee werkt Nederland uit in twee vormen. Er ontstaan Centra voor Jeugd en Gezin: elke wijk krijgt een Centrum waar ouders terecht kunnen voor ondersteuning en advies bij de opvoeding. Daarnaast ontstaan Integrale Kindcentra waar scholen, kinderopvang en andere buurtorganisaties de handen in elkaar slaan zodat gezinnen anderen kunnen ontmoeten en aansluiting kunnen vinden met de ruime buurt.

 

INSPIRATIE VOOR JOUW HUIS VAN HET KIND

Veel ideeën van de Winter lopen parallel met wat de Huizen van het Kind willen bereiken. De meerwaarde van samenwerking is zo’n idee, en ook de focus op sociale cohesie.

 

Basisfilosofie: samen sterk

In de pedagogische civil society van de Winter wordt de ‘wijze kennis’ van de omgeving ingeschakeld bij de opvoeding. Grootouders, vrienden en familie, buren, leerkrachten, de trainer van de sportclub, de leiders van de jeugdbeweging en andere volwassenen: it takes a village to raise a child. Kinderen opvoeden gaat verder dan alleen de ouders, je hebt er een heel dorp voor nodig. De Winter gebruikt dit Afrikaans gezegde om uit te leggen dat opvoeding geen individuele zorg zou mogen zijn. Opvoeding moet terug een publiek thema worden: onderwerp van collectieve zorg en betrokkenheid.

Dat is ook het vertrekpunt van de Huizen van het Kind. Of het nu gaat om een fysiek gebouw of een netwerk: de basisfilosofie van Huizen van het Kind is om de opvoeding van kinderen weer meer met elkaar te delen. Daarom werken verschillende organisaties samen, want het aanbod dat je samen kunt realiseren is groter dan de som van de afzonderlijke delen. Je kunt beter afstemmen op lokale noden, inzetten op toegankelijkheid voor iedereen, signalen opvangen, enzovoort.

Huizen van het Kind hanteren voor hun aanbod het principe van progressief universalisme: iedereen – elk kind, elk gezin – kan er terecht voor een breed basisaanbod en aansluitend is er extra aanbod voor gezinnen met specifieke noden. De basis is universeel, het extra aanbod spitst zich als het ware progressief steeds verder toe.

Volgens de Winter is dit het beste. Als binnen het brede basisaanbod alle mogelijke opvoedingsthema’s aan bod kunnen komen, ontdekken kinderen en ouders dat in andere gezinnen vaak dezelfde soort issues leven.

 

Verbinding

Voor de Winter is het dus belangrijk om gezinnen te verbinden. Hij wil de sociale netwerken rondom kinderen en gezinnen versterken, vanuit het gegeven dat wederkerige sociale steun een positieve bijdrage levert aan de kwaliteit van opvoeding.

Een Huis van het Kind doet dat ook. De samenwerking tussen verschillende organisaties met een gezinsondersteunend aanbod, kinderopvang, school en vrijetijdsverenigingen dient niet alleen om opvoedingsondersteuning te bieden – opvoedingsondersteuning zoals hierboven omschreven, in de breedste zin van het woord – maar ook om ontmoeting en sociale cohesie te bevorderen.

Volgens de Winter laat dergelijke informele en wederkerige ondersteuning kinderen en jongeren meer toe om aan een soort mini-samenleving deel te nemen, zijn zogenaamde pedagogische civil society. Dat is voor de Winter een gemeenschap met ‘rijke sociale netwerken waarin mensen met elkaar nadenken en een dialoog voeren over hoe we met kinderen omgaan.’ Huizen van het Kind maar ook Micha de Winter zien dit ruimer dan het gezin. De leefomgeving waarin kinderen en jongeren opgroeien is nog zoveel breder.

Een Huis van het Kind kan een belangrijke rol spelen in zo’n gemeenschap. Door met verschillende organisaties samen te brengen, kun je een breed aanbod opzetten waar verschillende gezinnen aan deelnemen. Zo creëer je een plek waar gezinnen ondersteuning vinden én waar ze onderling kunnen uitwisselen over opvoeding. Want een gesprek over dagelijkse, herkenbare situaties gaat naast het concrete ook altijd over ‘wat hebben kinderen nodig?’ Een concrete vraag is immers meestal aanleiding om te praten over achterliggende opvoedingsideeën. Denk aan twee moeders die tijdens een sessie babymassage praten over de begeleiders van de crèche: hoe de opvang van hun kind hen helpt in hun eigen leven. Denk aan de voetbaltrainer die signaleert dat bepaalde kinderen te veel maatschappelijke drempels ervaren om te kunnen meespelen: hij vindt dat sport en vrije tijd toegankelijk moeten zijn voor iedereen. Denk aan de vader die tevreden terugblikt op de rondleiding in de bib, zijn kind was dol op de boeken en ook hij voelde zich er meteen op zijn gemak: de vader neemt graag deel aan lokale activiteiten, hij wil zijn kind verankeren in de buurt.

Daar gaat het om in de samenwerkingsverbanden van Huis van het Kind. Door samen een breed aanbod te organiseren, kun je opvoeden zoals de Winter het voor ogen heeft – opvoeden in gemeenschap – op veel manieren ondersteunen. Huizen van het Kind zetten immers in op ontmoeting en overleg, zoeken aansluiting met de buurt.

Door op die manier gezinnen met elkaar in contact te brengen, door gezinnen vertrouwd te laten worden met de buurt en de aanwezige organisaties, creëer je volgens de Winter een goede context waarin je opvoeders (ouders en andere) kunt vragen: ‘Wat hebben jullie kinderen nodig? Wat hebben jullie nodig om het goed te doen?’ Antwoorden hierop gaan meestal in de richting van het soort verbindende omgevingen – de pedagogische civil society – waarin kinderen voor de Winter het best kunnen opgroeien.

Meer weten?

  • Op de website van EXPOO staat een bundel over Opvoeden samen met de buurt  waarin ook de pedagogische civil society aan bod komt.
  • Bij EXPOO kun je ook een boek downloaden van Peter Hilhorst en Michiel Zonneveld van de Raad voor Maatschappelijke Ontwikkeling (Nederland, 2013): De gewoonste zaak van de wereld, radicaal kiezen voor de pedagogische civil society.
  • De Winter, M. (2006), Opvoeding in democratie, SWP Uitgeverij, Amsterdam
  • De Winter, M. (2007), Het kind als spiegel van de beschaving, SWP Uitgeverij, Amsterdam
  • De Winter, M. (20068, Opvoeding als spiegel van de beschaving, SWP Uitgeverij, Amsterdam
  • De Winter, M. (2011), Verbeter de wereld, begin bij de opvoeding, SWP Uitgeverij, Amsterdam
  • De Winter, M. (2011), Wereldwijd opvoeden, SWP Uitgeverij, Amsterdam